Circulaire economie: gezonde snacks

MOS Brussel

Circulaire economie: gezonde snacks

Circulaire economie wint meer en meer aan belang en het is dus belangrijk dat dit item op school aan bod komt, of het nu is binnen het vak economie, seminarie 'ondernemen' of een vrijwillige werkgroep die op zoek is naar wat inkomsten voor de zesdejaarsreis. In de reeks fiches rond 'circulaire economie' reiken we enkele voorbeelden aan van hoe leerlingen aan de slag kunnen gaan rond het thema.

Eerst en vooral moet het duidelijk zijn wat circulaire economie is. Hiervoor kun je steeds een workshop boeken bij bv. GoodPlanet, of zelf naar inspiratie zoeken op vlaanderen-circulair.be, en mvonederland.nl. Belangrijk hierbij is om het verschil te duiden tussen de lineaire en de circulaire economie en te linken aan concrete voorbeelden (bv. fairphone vs traditionele smartphone, tweedehandswinkels vs. traditioneel systeem,...). Indien jullie school rond circulaire economie wilt werken buiten de lestijd, kan de MOS-begeleider ook steeds gratis de intro verzorgen (contact via mos@vgc.be).

Na de intro rond circulaire economie, is het tijd om een concrete onderneming uit te werken. Dit kan brainstormgewijs, of via enkele voorbeelden die online te vinden zijn of op dit omgevingsboek staan. 

Duurzame voeding komt meer en meer in de picture, via initiatieven zoals "Mei plasticvrij" en "40 dagen zonder vlees". Met je school kun je hier ook aan meedoen door zelf snacks te verkopen op school. Dit kan zeer simpel, door munt op te kweken en thee te verkopen, tot zeer gevorderd, met heuse lenteslaatjes. Alles start bij het begin, wat willen we concreet verkopen? Hou hierbij rekening met kostprijs voor inkoop, tijd om het zelf op te kweken, voorkeuren van het doelpubliek (waarom geen enquête organiseren bij de leerlingen?), voedselveiligheid (hiervoor mag je steeds het FAVV contacteren, zij zullen je met raad en daad bijstaan). 

Eens gekozen wat je wilt maken, moet je zien dat de grondstoffen er zijn. Daarbij zijn er twee mogelijkheden. Ofwel kweek je zelf de producten. Daarbij moet je rekening houden dat groenten en fruit tijd nodig hebben om te groeien. Wil je regelmatig een verkoopsmoment houden, zul je voor snelgroeiende planten moeten kiezen, zoals veldsla, radijsjes of tuinkers. Het kan ook een optie zijn om één grote oogst te plannen, om dan met veel bombardie het geld op een week tijd binnen te rijven. De andere optie is werken met externe leveranciers, gaande van ouders of buurtbewoners met een moestuin of aankloppen bij de bio-winkel (of supermarkt voor de moeilijk te verkrijgen producten, gebruik gewoon je gezond verstand!). Zo is er een kaart met alle moestuinen in Brussel  en een met alle fruitbomen in Brussel (https://www.velt.nu/waar-vind-je-fruitbomen-brussel). Eens alles gefabriceerd is, kun je beginnen verkopen. Vertel er ineens bij waarom jullie voor duurzame producten gekozen hebben, dan leren je klanten ineens iets bij.

Door de voedselresten van jullie verkoopwaar of de refter te verzamelen, een composthoop op te starten en deze compost te gebruiken om je gewassen op te kweken wordt het geheel helemaal circulair! Voor verpakkingen kun je werken met een systeem van statiegeld of vergaanbaar materiaal, om geen extra afval op de speelplaats te creëren. 

Een startbudget kun je verkrijgen door een project in te dienen bij Leefmilieu Brussel in de periode april-mei of een poging te doen via de VGC-subsidie "Educatieve initiatieven". Tournesol en Velt kunnen dan weer helpen bij het opkweken van 

Secundair

Reactie toevoegen